Vrouwenlijn (1): op zoek naar de vrouwen in je stamboom

Stambomen worden vaak over de mannenlijn uitgewerkt, de naamgever van de familie. Waar zijn de vrouwen? Ik ging op zoek naar de moeders van mijn moeder. Omdat het belangrijk voelt die moeders beter te kennen. In deze blog het waarom en hoe. Zie onderaan mijn werkwijze als je van plan bent zoiets ook te doen. In de volgende blog de stamboom zelf – een online monument voor al die moeders.

De moederlijn

De eerste keer dat ik me bewust werd van alle vrouwen waar ik uit voortkom, was op mijn 28e. Ik had relatieproblemen, worstelde met het leven, en mijn zelfvertrouwen was nogal laag. Ik volgde een intensief coachingtraject en tijdens een van de weekenden stond ik met mijn ogen dicht en moest ik me voorstellen hoe mijn moeder achter me stond, en daarachter haar moeder, en daarachter haar moeder, enzovoorts. Ik stelde het me zo levendig mogelijk voor. En de steun die ik daardoor voelde! Ik schreef in mijn aantekeningenboek: ik moet mijn moederlijn terugvolgen.

Voorouderwerk

Er ging een tijd voorbij zonder dat ik daar iets mee deed. Lara Veleda Vesta schrijft in haar boek Wild Soul Runes: Reawakening the ancestral feminine hoe moeilijk een moederlijn kan zijn: “Veel van ons hebben complicaties in onze relatie met onze moeders (…)”.

Gelukkig heb ik een goede, gezonde jeugd gehad, maar toch geldt dat ook voor mij. Ik wilde door mijn moeder gezien worden, ik wilde door mijn oma gezien worden. En er waren momenten in mijn leven dat dat niet lukte. Ik ergerde me aan mijn moeder. En ik zag hoe zij op haar beurt de telefoon liet rinkelen als oma belde. Ik wilde niet op hen lijken. Ik wilde me losmaken, en dat deed ik, en pas daarna zag ik hun worsteling en hun ongemak en hun liefde.

Vesta schrijft hoe wezenlijk de moederlijn is. Uit moeders komen we allemaal voort. De moeder voelen we instinctief nog in iedere cel van ons lichaam. Alle voorouders zijn belangrijk, maar de moeders deden lange tijd niet mee in de geschiedschrijving. Toen ik in de familie rondvroeg naar onze stamboom, hadden we het boek Huisman en het boek Smit, mijn beide opa’s en hun voorvaderen. De vrouwen trouwden, veranderden hun naam, baarden tien tot vijftien kinderen, en werden vergeten.

Matrilineair

Op mijn 28e realiseerde ik me in die visualisatieoefening dat ik mijn moederlijn niet mag vergeten. Stambomen volgen doorgaans de lijn van de naamgever: de vader. Zo’n stamboom wordt patrilineair – letterlijk vaderlijn – genoemd.

Ik begon de moederlijn verder uit te diepen, de matrilineair. Het is een work in progress want stamboomonderzoek is veel werk. Tot circa 1710 is het me gelukt haar namen en kleine, praktische details van haar levens in beeld te brengen.

Alle vrouwen werden geboren en stierven in dezelfde gemeente, negen generaties lang. In sommige aktes staat exact waar ze woonde: Grootebroek, wijk L, nummer 17. Alle vrouwen waren Rooms Katholiek. Hun mannen waren groentetelers, vissers, arbeiders. En allemaal hebben ze een of meerdere van hun ruim tien kinderen moeten begraven, wat voor iedere moeder een onmogelijke opgave lijkt – onverwerkbaar – maar waar in die tijd niemand van gespaard bleef.

Het zijn niet meer dan data, woonplaatsen, beroepen, familiegegevens. Ik heb niets spectaculairs ontdekt. Maar het geeft me een sterk gevoel van verbinding, van ergens vandaan komen, ergens naartoe gaan en iets aan mijn dochter doorgeven. Het heeft me geholpen in mijn eigen transformatie naar het moederschap. Het is een manier om die voorouders te eren die zoveel leven gedragen hebben en waarvan ik nog steeds het gevoel heb dat ze achter me staan.


Zo breng je de moederlijn terug:

Gegevens die je minimaal nodig hebt om het zoeken af te bakenen, en makkelijker te maken, zijn de geboortedatum en sterfdatum van je overgrootmoeder en eventueel die van haar echtgenoot.

Je kunt je rot zoeken in gedigitaliseerde archieven, bijvoorbeeld op https://www.wiewaswie.nl/nl/zoeken/ Maar het is veel eenvoudiger om eerst te zoeken in stambomen die al door anderen gemaakt zijn. Daarvan staan er heel veel openbaar online. Als je hierin een voorouder vindt, kun je vaak doorklikken naar haar ouders en kinderen en verzamel je in korte tijd veel informatie.

Mijn favoriete website voor het zoeken in stambomen van anderen, is https://nl.geneanet.org/ Op deze website kun je ook gratis al je stamboomgegevens bijhouden. Ik heb, toen ik er al een tijdje in werkte, een jaar lang de betaalde versie gekocht (toen €45,-) omdat daarin de database automatisch voor jou op zoek gaat naar voorouders. Je hoeft dan niet op alle individuele namen zelf te zoeken. Wel moet je ze zelf nog aan je eigen stamboom toevoegen.

Een andere website die ik veel gebruik om in stambomen van anderen te zoeken, is https://www.genealogieonline.nl/, al vind ik die minder overzichtelijk dan Geneanet.

Van alle vrouwen verzamelde ik deze basisgegevens, eerst in Geneanet, en daarna verder uitgewerkt in een tekstbestand:

  • Haar namen
  • Haar geboortedatum, sterfdatum, geboorteplaats, plaats van overlijden en/of begraven
  • Dezelfde gegevens van haar echtgenoot
  • Hun huwelijksdatum en -plaats

Voor alle gegevens die je in stambomen van anderen vindt, geldt dat ze niet per se waar zijn! Je moet ze goed controleren.

Ik heb de vrouwenlijn verder uitgediept en gecheckt of de gekopieerde gegevens klopten. In aktes, via Google en Geneanet verzamel ik zoveel mogelijk verdere informatie die iets zegt over het leven dat deze moeders geleid moeten hebben. Daarbij gebruik ik bijvoorbeeld ook informatie van dezelfde kerk waar ze honderden jaren bij hoorden en algemene gegevens over de geschiedenis van Nederland en de streek waarin ze woonden. Met dit onderzoek ben ik nog steeds bezig. Het is een tijdrovende maar bevredigende klus omdat hierdoor mijn voorouders veel meer tot leven komen. Uitgebreide gegevens zijn:

  • Haar kinderen, inclusief geboortedatum, sterfdatum en geboorteplaats. Wanneer je een kindernaam een tweede keer ziet terugkomen, weet je vrijwel zeker dat de eerste gestorven is.
  • Haar (en zijn) eventuele eerdere of latere huwelijken en stiefkinderen. Het gebeurde vaak dat een vrouw in het kraambed stierf en de man opnieuw trouwde, of dat een van beide door ziekte al op jonge leeftijd overleed
  • Het eventuele beroep van de vrouw (voordat zij trouwde) en dat van haar echtgenoot
  • Religie, datum van doop en het kerkhof waarop zij begraven is
  • Woonplaatsen, inclusief oude kaarten waarop misschien nog straatnamen en -nummers genoemd worden
  • Andere bijzonderheden. In archiefstukken zie je bijvoorbeeld welke andere personen er bij het gezin inwoonden (een grootmoeder, een zwager), of ze land erfden, enz.

Via https://time.graphics/editor heb ik alle personen (moeders, echtgenoten en kinderen) op een tijdlijn gezet. Zo kan ik in één oogopslag zien wie tegelijkertijd leefden. Het valt dan bijvoorbeeld op hoe jong mijn bet-overgrootmoeder gestorven is (haar moeder heeft haar begraven) en op welke leeftijd ze kinderen kreeg.

Vóór 1800 is het lastig om voorouders terug te vinden, vooral als ze geen adel maar boeren zijn. Ons huidige stelsel van achternamen was in die tijd nog niet ingevoerd en de centrale registratie was minder compleet. Vrouwen (en mannen) kregen vaak een patroniem: Jansdochter, Janszoon. Voor 1800 zal je zoektocht online misschien vastlopen en moet je de plaatselijke, niet-gedigitaliseerde archieven in, bijvoorbeeld de doopregisters van de kerk.

Start hier je reis naar buitenleven, eenvoud & bezieling

Gratis e-book Naar de Basis

Een kleine gids naar buitenleven en natuurverbinding – direct beschikbaar na bevestiging in je mailbox

Met max. zes keer per jaar de nieuwste verhalen en activiteiten

Geen marketingdrukte. Uitschrijven kan altijd. Gewoon af en toe iets dat de moeite waard is.