Lichtgewicht reizen: wat laat ik thuis?

“Alles wat je thuislaat, is mooi meegenomen.” Het is een bekende uitspraak in de buitensport- en pelgrimswereld. Een lichte rugzak of fietstas maakt het reizen gemakkelijker.

Zelf vergis ik me er iedere tocht weer in. Met inpakken lijkt het allemaal wel mee te vallen, mijn basisuitrusting weegt tussen de 5 kg (zomer) en 10 kg (winter). Het past ruim in mijn rugzak van 40 liter. Maar dan komen eten en drinken erbij. Drie liter water: drie kilo. Ontbijt, lunch, avondeten en snacks voor drie dagen: weer drie kilo erbij – op zijn minst, want dan reken ik met droogmaaltijden.

Daarom houd ik mijn basisgewicht zo laag mogelijk. Ik ben een grammenteller. Maar ook een romanticus. Lichte kampeerspullen betekent ruimte voor een muziekinstrument, schrijfboek, camera of houtsnijmes.

Op mijn paklijsten staat wat ik meeneem. Maar minstens zo interessant: wat heb ik de afgelopen jaren thuisgelaten?

Met bikepacken kun je soms nog minder meenemen dan met wandelen. Hier fietsten we twee weken door de Alpen zonder tent (met bivakzak, slaapzak & matje).

1. Toilettas

Een tasje dat leeg al snel 100 gram weegt en waar je een hoop spullen instopt die je nooit nodig hebt. Ik heb nog nooit een toilettas gekocht. Zeep, zalfjes, poeders en doekjes laat ik altijd thuis. Als ik langer wegga, neem ik alleen een blokje Marseille-zeep mee waarmee ik haar, huid en kleding was. Zonnebrandcrème zit meestal wel in mijn tas. En verder heb ik niet veel meer nodig dan een tandenborstel, tandpastatabletten en oordopjes.

2. Kleding

Er zijn korte tochten (3 dagen) waarop ik alleen schone onderbroeken en sokken meeneem. En een droog shirt als het koud is of nat wordt. Want hoe vaak doe je nou echt schone kleding aan onderweg? Ik draag wol, dat blijft langer fris. Een extra broek neem ik al jaren niet meer mee. Ik slaap in thermo-ondergoed, en als mijn broek echt te vies is of kapot gaat (wat nog nooit gebeurd is), kan ik altijd die thermo aan met mijn regenbroek er overheen. In plaats van een trui, pak ik een donsjas in. Wasteilen, wasnetjes en camping-waslijnen met camping-knijpers heb ik nooit gekocht.

3. Een waterzak

Ik neem nooit waterzakken met drinkslang mee. Ze zitten vrijwel altijd in de weg in het hoofdvak van mijn rugzak en ik vind het gedoe om ze schoon te maken. In plaats daarvan gebruik ik kleinere drinkzakken in de zijvakken van mijn tas, zoals de Platypus. Een van mijn drinkzakken heeft een waterfilter in de dop. Ik doe een zuiveringstabletje in de zak (want waterfilters filteren geen virussen) en dan kan ik direct door de filterdop drinken.

4. Koffie

Dit doet veel mensen (mijn man) pijn, maar ik heb mezelf nooit aan koffie gewend. Zo hoef ik geen koffie, brew buddy, moka, aeropress, enz. mee te nemen en krijg ik geen hoofdpijn als het per ongeluk op is. Ik geniet heel erg van (wildpluk)thee.

Hier wandelden we met Heike (1,5 jaar) door Schotland. We lieten vrijwel alle comfort voor onszelf thuis, want er moesten luiers in de rugzak!

5. Elektronica

Elektronica is zwaar en ongezellig. Mijn telefoon weegt 160 gram, dat is een oud, klein, licht ding in vergelijking met de nieuwere exemplaren. Ik laat zoveel mogelijk elektronica thuis, inclusief de bijbehorende stekkers, batterijen en powerbanks. Denk aan zaklampen, e-readers, tablets, zonnepanelen, GPS-apparaten. Als ik een lamp meeneem, is dat een superlichte Petzl-hoofdlamp (33 gram). Navigeren doe ik op een kaart en met mijn telefoon. Alleen als ik de hele dag fiets, sluit ik de telefoon aan op een powerbank. En natuurlijk, de kaart weegt ook wat, maar is gewoon leuker, dus voor mij de grammen waard.

6. Een uitgebreide kampkeuken

Een kampkeuken kan nogal uit de hand lopen. Ik wil onderweg vaak alleen maar iets opwarmen. Pannensets laat ik al jaren thuis. Een 500-750ml pannetje en een lichte gasbrander (MSR Pocket Rocket, Optimus Crux – beide rond de 75g) zijn voor mij genoeg. Een benzinebrander heb ik nooit gehad. Ik vind ze zwaar, vies en gedoe. Als ik twijfel over gasblikjes, omdat die onderweg soms moeilijk te krijgen zijn, neem ik mijn spiritusbrander mee. Ik neem ook nog zelden een aluminium pan mee. Die zijn wel lekker licht en goedkoop, maar je kunt ze niet op een kampvuurtje zetten. Met titanium (of eventueel zwaarder staal) kan dat wel.

Soepkommen, snijplanken, afwasteilen, spatels, besteksets, themo-bekers, kruidenmolens en theedoeken hebben nog nooit in mijn kampeeruitrusting gezeten. Ik red me uitstekend met een spork, zakmes, plat plastic bord, een grote opvouwbare beker en een afwasspons.

7. Stoeltjes

Ik moet eerlijk bekennen dat ik wel eens stoeltjes kaap van kampeervrienden. Maar zelf neem ik nooit een stoeltje mee. Ze zijn gewoon te groot en zwaar. Ik pak wel altijd een zitmatje in. Ook op een picknickbank of boomstronk scheelt zo’n matje veel warmteverlies.

8. Grondzeilen

Er zijn mensen die er bij zweren. Je tent gaat langer mee, of blijft langer droog, of ik weet niet precies wat. Maar ik heb in twintig jaar solo-kamperen nog nooit een grondzeil gemist.

Bivakkeren met 40L-rugzak.

En de dingen die last-minute vrijwel altijd weer de rugzak uitgaan

Wie kent ‘m niet, de stapel met dingen die je toch maar thuislaat. Ze leken te passen, maar je was vergeten hoeveel ruimte eten en water inneemt. Deze spullen moeten het bij mij vaak op het laatste moment bezuren:

  • Mijn Fuji-camera weegt 340 gram. Die gaat alleen mee als er nog ruimte is in de afdeling ‘romantisch’.
  • Een regenhoes voelt nogal overbodig als ik alles in drybags heb ingepakt.
  • De thermosfles sneuvelt in de zomer vaak. Alleen in de winter is die echt onmisbaar.
  • Ja, soms moet zelfs mijn hyperlichte kampeerhanddoekje thuisblijven. Er is toch geen douche in de wildernis.
  • Vroeger sliep ik zonder kussen. Sinds ik zwanger ben geweest, lukt dat me niet meer en neem ik een opblaaskussentje mee.
  • Gezellig, zo’n dangling mug van emaille. De thee smaakt er ook veel beter in. Maar vaak gaat toch last-minuten mijn opvouwbare beker van rubber in de tas. Want die mok is onpraktisch groot en dat danglen is tijdens het wandelen best irritant.

Start hier je reis naar buitenleven, eenvoud & bezieling

Gratis e-book Naar de Basis

Een kleine gids naar buitenleven en natuurverbinding – direct beschikbaar na bevestiging in je mailbox

Met max. zes keer per jaar de nieuwste verhalen en activiteiten

Geen marketingdrukte. Uitschrijven kan altijd. Gewoon af en toe iets dat de moeite waard is.